Broedgedrag en broedtijd
De broedtijd van de zeearend begint vroeg in het jaar. Al in februari starten de eerste paren met het bouwen of herstellen van hun nest.
Het daadwerkelijke broeden begint meestal in maart, waarbij het vrouwtje 1 tot 3 eieren legt. De broedduur bedraagt ongeveer 38 dagen, waarin het vrouwtje het grootste deel van het broeden voor haar rekening neemt. Het mannetje zorgt in deze periode voor voedsel en verdedigt het territorium.
Na het uitkomen van de eieren blijven de jongen nog zo’n 10 tot 11 weken in het nest voordat ze uitvliegen. In de Biesbosch zijn er inmiddels meerdere broedparen actief, met jaarlijks succesvolle broedgevallen.
Een nest om van onder de indruk te zijn.
Het nest van een zeearend is een waar bouwwerk. Vaak gebouwd in hoge, robuuste bomen zoals zwarte populieren of wilgen, kan het nest een doorsnede van meer dan 1,5 meter hebben en tot een meter hoog worden.
Elk jaar voegen de vogels nieuwe takken toe, waardoor het nest steeds groter en steviger wordt.
Sommige nesten worden jarenlang gebruikt en zijn zichtbaar vanaf grote afstand – een indrukwekkend gezicht voor elke natuurliefhebber.
De locatiekeuze is cruciaal: het nest moet rustig gelegen zijn, met goed uitzicht op het omliggende gebied en dichtbij voedselrijke wateren. De Biesbosch biedt deze ideale omstandigheden, waardoor de zeearend zich hier permanent heeft gevestigd.
Jacht en gedrag.
De zeearend is een geduldige jager. Hij jaagt vooral op vis, watervogels en aas.
Zijn jachttechniek is efficiënt: zwevend boven het water speurt hij naar beweging, waarna hij met een korte duik zijn prooi grijpt.
In de Biesbosch zijn duizenden eenden, meerkoeten en ganzen aanwezig, evenals dode vissen die door de getijdenbeweging aan de oppervlakte komen.
Naast jagen is het gedrag van de zeearend opvallend sociaal. Buiten de broedtijd verzamelen jonge zeearenden zich in groepjes om samen te overwinteren.
Ook worden er regelmatig indringers gesignaleerd die proberen een territorium over te nemen – soms met dramatische gevolgen voor bestaande broedparen.