Resolutie 320x**
ALL Rights Reserved @ Jos van den Elshout
Best Fit: 2450x1350
Best Fit: 1800x950
Best Fit: 1400x968
De kleine zilverreiger is een bewoner van lagunes, moerassen en andere gebieden met ondiep zoet of zout water.
In Nederland is de kleine zilverreiger zeldzamer dan zijn verwant - de grote zilverreiger - en heb je in Zeeland en op de Wadden de grootste kans om er een tegen te komen.

Broedt in mei-juni. Heeft 1 legsel per jaar met meestal 3-5 eieren.
Broedduur 21-25 dagen. Nest van takken wordt in struiken / bomen gebouwd, maar ook wel op de grond of in het riet.
Broedt in klein aantal in de Zeeuwse delta, Waddeneilanden en Oostvaarders-plassen, bij voorkeur in kolonies.
Bij kleine aantallen kan de soort ook broeden in kolonies van grote zilverreigers, blauwe reigers, lepelaars of grote meeuwen. Beide ouders zitten op de eieren. Jongen zijn na 40-45 dagen vliegvlug, maar kunnen al na 30 dagen het nest verlaten.
De jongen bedelen nog bij de ouders om voedsel na het verlaten van het nest.

Is een dagtrekker, vaak in kleine groepen. In milde winters blijven vele kleine zilverreigers in Zuid-Europa en soms zelfs in Nederland, in strengere winters vliegen ze nagenoeg allemaal naar Afrika, variƫrend van Noord-Afrika tot Senegal, Kameroen en zelfs Kenia.
Keert terug in maart-april. De landelijke aantallen pieken tussen augustus en oktober.




Bron: Vogelbescherming Nederland
Kleine Zilverreiger