Resolutie 320x**
ALL Rights Reserved @ Jos van den Elshout
Best Fit: 2450x1350
Best Fit: 1800x950
Best Fit: 1400x968
Patrijs
Patrijzen zijn standvogels van open agrarisch gebied, heidevelden en hoogvenen.
Oorspronkelijk waren het steppebewoners, maar de soort heeft zich erg goed aangepast aan het leven in kleinschalig agrarisch landschap.
In Nederland komt de patrijs verspreid voor. Akkerland is het meest in trek, vooral als dit wordt afgewisseld met ruige dijken, slootranden, wegbermen en houtwallen.
Patrijzen eten zowel plantaardig als dierlijk voedsel, maar de jongen leven de eerste weken louter van insecten en ander klein gedierte. De patrijs is altijd een favoriet doelwit geweest voor jagers, maar die hebben de jacht op de soort gestaakt. De aantallen patrijzen nemen, door schaalvergroting in de landbouw, dramatisch af.

Broedt van eind april tot eind mei.
Eén legsel met een groot aantal eieren, meestal 13 tot 16. Er zijn recordlegsels tot 29 eieren gevonden maar dat is zéér uitzonderlijk. Broedduur: 23-25 dagen. Hoewel patrijzen in groepen kunnen optrekken is het geen koloniebroeder.
Ze hebben een nest op de bodem in dichte vegetatie. De jongen stappen meteen het nest uit en zijn na 14 dagen vliegvlug.
Na zo'n 5 weken zijn ze zelfstandig.

Tot circa 1975 was de patrijs een vrij gewone vogel van het boerenland. Sindsdien zijn de aantallen sterk afgenomen.
De patrijs is in grote delen van Nederland een bijzonderheid geworden.
Net als andere vogels van het boerenland (zoals veldleeuwerik) lijdt de soort onder de voortdurend verdergaande intensivering van de landbouw.



Bron: Vogelbescherming Nederland