Resolutie 320x**
ALL Rights Reserved @ Jos van den Elshout
Best Fit: 2450x1350
Best Fit: 1800x950
Best Fit: 1400x968
De kramsvogel is in Nederland vooral in de winter te zien.
Hoewel de soort wel broedt in het zuiden en oosten van het land zijn deze aantallen in het voorjaar erg laag.
In najaar en winter is het 'tsjak-tsjak-tsjak' van groepen kramsvogels zeer regelmatig te horen. Ze zijn dol op bessen en appels en daarom goed in fruitteelt-gebieden te zien.
Maar ze zoeken ook voedsel op weilanden, soms samen met koperwieken.

Kramsvogels eten vooral wormen en insecten. In Nederland foerageren ze op weilanden op de bekende lijstermanier.
Hippen, stilstaan, een regenworm pakken en weer doorgaan. In de winter eten kramsvogels ook bessen; bessenstruiken als vuurdoorns kunnen in korte tijd door hongerige kramsvogels geplunderd worden.
Rottend fruit is ook erg populair bij kramsvogels.


De (weinige) kramsvogels die in Nederland broeden trekken 's winters weg naar Belgiƫ en Frankrijk.
Het zijn geen lange afstandstrekkers. Veel kramsvogels uit Noord- en Oost-Europa komen massaal naar Nederland in de winter om hier te blijven of om verder zuidelijk door te trekken.
Dat begint in september tot ver in november, en vooral in oktober. Als er sneeuw komt vanuit het noorden, trekken de vogels massaal naar het zuiden.
Breed uitwaaierende groepen 'tsjakkers' laten zich zien in het open gebied.
Bij kou trekken kramsvogels meer naar de stad. In het voorjaar trekken de vogels weer naar het noorden vanaf februari tot begin mei, met het hoogtepunt eind maart.



Bron: Vogelbescherming Nederland
Kramsvogel